Veel gestelde vragen door de pensioenadviseur

Staat uw vraag hier niet tussen, kijk dan bij de algemene vragen.

Bent u werkgever of lid van de ondernemingsraad, staat uw vraag wellicht bij deze vragen

1. Als ik een klant heb waarvoor een APF mogelijk een interessante oplossing is, kan de APFspecialist mij dan helpen, zonder mijn klant over te nemen?

Ja, natuurlijk. De APFspecialist is er niet op uit om uw klanten over te nemen. Wij kunnen prima op de achtergrond u van advies voorzien, zonder dat wij ooit contact hebben met uw klant. Wij zullen dan de (vooraf afgesproken) advieskosten bij u in rekening brengen.

2. Kan de APFspecialist mij helpen zonder te weten wie mijn klant is?

Ja, dat kan. U kunt de klant gegevens geanonimiseerd aanleveren en wij kunnen u dan op de achtergrond bijstaan. Het uiteindelijke advies aan uw klant komt van u af en wij zullen onze factuur naar u sturen. 

3. Welke voordelen biedt het APF inzake beschikbarepremie-regelingen?

Zie vraag 7, waarom zou ik een beschikbarepremie-regeling onderbrengen bij een APF.

4. Wat zijn de voordelen en nadelen van een APF in vergelijking met een verzekerde regeling?

In het kort is het voordeel van een APF de (waarschijnlijk) lagere premie en uitzicht op indexatie, waardoor een middelloonregeling voor de werknemers behouden kan blijven en mogelijk niet hoeft te worden overgegaan naar een beschikbarepremie-regeling. Nadelen zijn de nieuwigheid en dus de onzekerheid omtrent de toekomst van de APF-en, en daarnaast de mogelijkheid dat aanspraken gekort kunnen worden (ofwel is er geen sprake van gegarandeerde uitkeringen). Er kan gesteld worden dat alle APF-kringen uitzicht op indexatie bieden, terwijl de kansen op korting van rechten (onder meer vanwege wettelijke bepalingen) zeer laag zijn. Per saldo leidt het nemen van risico (bij een APF) normaal gesproken tot extra waardetoevoeging in vergelijking met een verzekerde regeling, met als kanttekening dat als (de werknemers van) uw klant een conservatieve houding heeft (hebben) ten opzichte van het nemen van risico, deze afweging anders kan zijn. Onderstaand lichten we onze samenvatting toe.

Als gezegd heeft een APF in vergelijking met een verzekeraar in veel gevallen een lagere premie en meer kans op indexatie.
Ik hoor u denken, een lagere premie én meer kans op indexatie. Hoe kan dat? Het antwoord hierop is dat, vanwege wet- en regelgeving, pensioenfondsen (en dus ook een APF) de mogelijkheid hebben om een lagere premie te vragen voor eenzelfde pensioenregeling dan een verzekeraar. Voor dezelfde euro pensioen mag een APF dus minder premie vragen dan een verzekeraar. Om deze complexe situatie begrijpelijk te maken proberen wij deze als volgt te vereenvoudigen.

Allereerst is een goed uitgangspunt om te stellen dat als er meer geld (premie) betaald wordt, er ook meer geld (pensioen) uitgekeerd zal worden. Dit kan alleen anders zijn als:

  1. het deel van de premie waarmee daadwerkelijk pensioen wordt aangekocht bij de ene aanbieder lager is dan bij de ander.
    Bijvoorbeeld doordat veel hogere kosten in rekening worden gebracht (en dit doen verzekeraars niet persé) óf als er hoge garantieopslagen worden gevraagd. Met name dit laatste is momenteel precies het geval, garantieopslagen die verzekeraars vragen bedragen wel 1/3 van de premie waardoor van de te betalen totale premie slechts 2/3 beschikbaar komt voor het pensioen. Afgezien van een klein deel van kosten en risicopremies, komt bij een APF de bijna volledige premie in het fonds terecht ten gunste van de pensioenen.
  2. de premies op verschillende wijze belegd worden.
    Pensioenfondsen kunnen, naast de mogelijkheid om een lagere premie te vragen, ook nog eens risicovoller beleggen dan een verzekeraar. Het gevolg is dat wegens de gangbare gedachte dat risicovoller beleggen naar verwachting ook beter rendeert (meer geld oplevert) dan risicoloos beleggen, een APF met deze verwachte extra beleggingsrendementen de lagere premies kan compenseren en daarnaast ook nog eens toeslagen (indexatie) kan verlenen. Daar waar een verzekeraar zeer defensief moet beleggen vanwege wet- en regelgeving en over het algemeen op dit moment zelfs geen enkele kans op toeslagen kan aanbieden. Alleen als een verzekeraar een (nog) hogere premie vraagt, kan er (in beperkte mate) risicovoller belegd worden. De praktijk is echter dat de premies dan zo hoog worden dat dit commercieel niet haalbaar blijkt.

Een APF mag dus een lagere premie vragen, verwacht door het nemen van (beleggingsrisico's) hetzelfde pensioen te kunnen uitkeren en daar bovenop óók nog eens toeslagen te kunnen verlenen. Maar u begrijpt, het nemen van risico's kan ook nadelige gevolgen hebben.

In algemene zin is momenteel het grootste risico de bestaande onduidelijkheid over de levensvatbaarheid van een APF (-kring) wat weer nauw samenhangt met het geheel van de premiestelling, premievolume, omvang van het vermogen en de uitvoerings- en beheerskosten. Een relatief lage premie lijkt bijvoorbeeld op korte termijn interessant, maar in combinatie met een laag premievolume en een klein startvermogen, is de kans reëel dat een dergelijk APF (-kring) geen lang leven is beschoren. En wat dan?

Maar ook is in veel gevallen nog onbekend hoe de performanceverwachtingen van de verschillende APF (-kringen) zijn met betrekking tot de pensioenen, gemeten in het pensioenresultaat. Informatie van de APF-en hierover is beperkt, alsook in de kostenstructuur. 
Onder andere met behulp van deze site en bijvoorbeeld het APF vergelijken met andere uitvoerders of APF-en onderling vergelijken proberen wij de transparantie te verhogen, en het maken van een goede langetermijn keuze te bevorderen. Maar uiteindelijk zal de praktijk moeten gaan uitwijzen wie de winnaars en verliezers zullen zijn. En hiermee bedoelen we expliciet niet de verzekeraars, PPI's of welke APF-en nu overblijven of de grootste worden (op welk gebied dan ook), maar bedoelen we de deelnemers. Want om hen draait het tenslotte allemaal. Een goed onderbouwde en breed gedragen keuze maken is wat ons betreft dan ook dé hoofdvoorwaarde voor een succesvolle arbeidsvoorwaarde pensioen.

In vergelijking met een verzekeraar is het belangrijkste verschil dat er geen garanties op een uitkering zijn. Opgebouwde aanspraken kunnen bij een APF worden gekort, terwijl dit (met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid) niet het geval is bij een verzekeraar. Voor zowel voor een verzekeraar als een APF geldt dat de premiesystematiek veelal voor 5 jaar vast staat (of is dat in ieder geval een keuze). Bij een APF is de aanwezigheid van een stabiele premie afhankelijk van de gekozen kring, en valt dit dan in alle gevallen samen met de keuze (van die specifieke kring) om een premie te vragen die gebaseerd is op basis van verwacht beleggingsrendement. Gezien de nadelen waar we in deze veelgestelde vraag over spreken, is dit dus ook een verschil en extra risico van een APF in vergelijking met een verzekeraar.

© 2017 www.deapfspecialist.nl is een website van Phenox Consultants